Je hoort hem vier keer per week in De Muziekfabriek en hij besteedt het grootste deel van zijn zondag achter de microfoon in Het Concertgebouw: Hans van den Boom is een bekende en geliefde stem op NPO Radio 4. Maar wat luistert hij zelf graag? En welke cd zou hij meenemen naar een onbewoond eiland?

Ik ben niet zo van het snelle - ik hou erg van langzame muziek.
Hans van den Boom

Zet de speellijst aan en laat je verrassen door Hans' favorieten.

  • Rachmaninov - Morceaux de Fantaisie, op.3: Elégie
    “Mijn enorme liefde voor klassieke muziek is begonnen bij de piano-solo werken van Rachmaninov. Van de vijf stukken op.3 hoor je meestal alleen de tweede, de 'Prelude in cis klein', maar mijn favoriet is nummer één: de 'Elégie'. Verschrikkelijk mooi.”  
     
  • Mahler - Rückert-Lieder op.44: Ich bin der Welt abhanden gekommen
    “De tekst is fantastisch, de muziek is fantastisch. 1+1=5. Mijn favoriete uitvoering is door de fantastische bariton Dietrich Fischer-Dieskau.”
     
  • Beethoven - Strijkkwartet op.130: V. Cavatina
    “Er is zoveel over de 'Cavatina' te zeggen, dat je er eigenlijk niks over moet zeggen. Alle clichés zijn van toepassing: het stuk is hemels en tijdloos. Het bevat de zin van het bestaan. Bedenk ook dat Beethoven tijdens het componeren van dit stuk volledig doof was. Onvoorstelbaar. De versie door het Artemis Quartet is werkelijk prachtig.”
     
  • Strauss - Vier letzte Lieder: IV. Im Abendrot
    “Ook hier geldt: 1+1=5. Eén specifieke uitvoering van dit werk geeft me altijd kippenvel en dat is die door het Gewandhausorchester Leipzig o.l.v. Kurt Masur. De laatste paar minuten hoor je de epiloog. De muziek gaat tergend langzaam door en de laatste paar woorden van het gedicht zinken in. Wie sind wir wandermüde, ist dies etwa der Tod? Die combinatie is echt zo adembenemend mooi.”
     
  • Berlioz - Les nuits d’été, op.7: II. Le spectre de la Rose
    “Vergankelijkheid: je kent het wel. Was je gisteren nog een prachtige, bloeiende roos op de boezem van een mooie vrouw, ben je vandaag verwelkt. Berlioz verklankt dit erg mooi. De aller,- allermooiste opname is door zangeres Régine Crespin.”
     
  • Berlioz - Les Francs-juges, op.3: Ouverture
    “Ik blijf nog even bij Berlioz. In dit werk klinkt vanaf ongeveer 4:30 minuten een vrolijk, ritmisch deuntje. En dat deuntje maakt me áltijd, zonder uitzondering, blij. Ik word er ongelooflijk vrolijk van. Het is een constante factor in mijn leven.”
    Ik word er ongelooflijk vrolijk van. Het is een constante factor in mijn leven.
     Hans van den Boom over Berlioz' 'Les Francs-juges'
  • Rameau - Les Boréades: Entrée pour les Muses, les Zéphyres, les Saisons, les Heures et les Arts
    “Rameau heeft heel veel moois geschreven. In veel van zijn opera's zitten ook schitterende instrumentale gedeelten. Musicaeterna o.l.v. Currentzis speelt 'Les Boréades' eigenwijs en eigenzinnig. Wederom verschrikkelijk langzaam, maar wel godvergeten mooi.”
     
  • Schubert - Strijkkwintet: II. Adagio
    “Dit werk bevat de dood in eigen persoon. Het 'Strijkkwintet' is het laatste dat Schubert ooit heeft geschreven. Als je goed luistert, hoor je in bijna al zijn werken verlangen naar de dood. De beste man had syfilis en werd langzaamaan gek, maar toch wist hij dit nog even te schrijven. Nou, dan kan je wat.”
     
  • Operazanger Boris Christoff
    “Dit keer geen werk of componist, maar een bulderende stem: de Bulgaarse bas Boris Christoff. Hij zong voornamelijk Russisch repertoire, met als klapper de 'Sterfscène van Boris' uit Moessorgski’s opera 'Boris Godoenov’’. Boris door Boris: wat wil je nog meer.”
    Boris Christoff als Boris Godoenov
  • Mahler - Symfonie nr.2: 1. Allegro – “Totenfeier”
    “Het eerste deel van deze symfonie was oorspronkelijk een zelfstandig werk, 'Totenfeier'. Deze ‘viering van de dood’ werd later het eerste deel van de 'Tweede symfonie, “Wederopstanding”'.  Als ik ooit op een onbewoond eiland terechtkom, neem ik deze cd mee. Voor mij de onbetwiste nummer één. Er gebeurt zoveel, het is gewoon niet samen te vatten.”
     
  • Rachmaninov - Symfonie nr.2, op. 27: III. Adagio
    "Ooit noemde ik dit werk op zender ‘Een warm ligbad waarvan het water maar niet koud wil worden’. En dat is het.”
Deel dit artikel