In Wild in Nederland staat deze keer de ringslang centraal. Het dier behoort tot de waterslangen en is één van de drie soorten slangen die in Nederland voorkomt.

De slang dankt zijn naam aan de beide, min of meer gescheiden gele vlekken achter zijn kop. Samen lijken ze namelijk op een ring. Voor en achter deze gele vlekken zitten twee halvemaanvormige zwarte vlekken. Een volwassen ringslang kan tussen de 80 centimeter en 1,5 meter groot worden. Vroeger werden ze zelfs wel twee meter. De ringslang is een dier dat zich graag opwarmt in de zon, helemaal voordat ze op jacht gaan.

Het paringsseizoen start in april. De grootste mannetjes hebben geluk, want zij hebben de meeste kans om te paren met de vrouwtjes. Een vrouwtje legt gemiddeld zo'n twintig eieren per keer.  De jongen zijn bij het uitkomen ongeveer 15 centimeter lang en meteen zelfstandig. Het dier eet dan vooral kleine kikkers, salamanders en kleine vissen. Wanneer ze groter zijn wagen ze zich aan grote groene kikkers, padden of woelmuizen.

Baby ringslang

Slang op het erf brengt geluk

De ringslang komt nog steeds in een groot deel van Europa voor omdat van oudsher de mens erg goed is geweest voor het dier. In veel landen had men het bijgeloof dat als er een ringslang zich schuilhield onder de drempel van het huis, dit weleens geluk zou kunnen brengen: 'de slang met de gouden kroon op de kop'. Het was daarom op veel plaatsen een gewoonte om schoteltjes melk voor de slangen neer te zetten. 

Goede acteurs

Ringslangen zijn over het algemeen niet gevaarlijk. Wanneer ze het gevoel hebben dat ze zelf in gevaar zijn, vertonen ze opvallend gedrag. Eerst tongelt en sist hij opgewonden, maakt zich plat en probeert hij zich te verweren door te doen alsof hij wil bijten en scheidt stoffen uit zijn stinkklieren af. Vaak komt ook de darminhoud naar buiten. Slechts in het uiterste geval zal de slang bijten, en dan is zo'n beet voor de mens ongevaarlijk. Wanneer het gevaar echt te groot is en de slang geen uitweg ziet zal hij doen alsof hij dood is, een enkele maal kan hij zelfs bloeddruppels uit zijn bek laten lopen. Het biologische doel van dit gedrag is zelfbescherming: de slang houdt zich dood om zijn belager om de tuin te leiden in de hoop het er zo levend vanaf te brengen. 

Bekijk Wild in Nederland over de ringslang: 

Deel dit artikel